De looptijd van SNS Lijfrentenieren

Je kunt binnen grenzen zelf kiezen voor een looptijd en voor het moment waarop je wilt starten met uitkeren.

Looptijd en AOW-leeftijd

De periode waarin je je lijfrentekapitaal hebt opgebouwd en het moment waarop je de AOW-leeftijd bereikt, zijn van invloed.

De AOW-leeftijd gaat sinds 2013 stapsgewijs naar 67 jaar en 3 maanden. Lijfrenteproducten zoals SNS Lijfrentenieren hebben hierdoor sinds 2014 niet meer 65 jaar als uitgangspunt maar de AOW-leeftijd. Wanneer je de AOW-leeftijd bereikt, hoe je AOW-rechten opbouwt en hoe hoog de AOW is, staat op de website van de Sociale Verzekeringsbank.

    Looptijd kiezen

    De maximale looptijd is bij SNS Lijfrentenieren altijd 35 jaar. Welke mogelijkheden er verder zijn bij het kiezen van de looptijd hangt af van:

    • Het moment waarop je wilt starten met uitkeren.
    • De periode waarin je geld hebt gestort in een lijfrenteopbouwproduct. Door wettelijke wijzigingen maakt het uit of je geld hebt gestort vóór 01-01-2014 of na 31-12-2013; en
    • Het moment waarop je de AOW-leeftijd bereikt en/of (ook) het moment waarop je 65 jaar wordt.

    Wanneer heb je geld op je lijfrenteopbouwproduct gestort?

    Alleen ná 31-12-2013

    Keuzes voor het moment van starten met uitkeren Waar moet je rekening mee houden?
    Vóór het jaar dat je de AOW-leeftijd bereikt. Minimale looptijd: 20 jaar + het aantal jaren dat je jonger bent dan AOW-leeftijd
    In of na het jaar waarin je de AOW-leeftijd bereikt. Maar uiterlijk in het 5e jaar nadat je de AOW-leeftijd hebt bereikt. Minimale looptijd: 5 jaar. Het bedrag dat per jaar wordt uitgekeerd mag dan niet hoger zijn dan € 21.741 (2019). Is het bedrag dat per jaar wordt uitgekeerd hoger dan € 21.741 (2019)? Dan is de minimale looptijd 20 jaar.

    Alleen vóór 01-01-2014, daarna niet meer

    Keuzes voor het moment van starten met uitkeren Waar moet je rekening mee houden?
    In het jaar waarin je 65 jaar wordt of daarna. Maar uiterlijk in het 5e jaar nadat je de AOW-leeftijd hebt bereikt. Hiervoor kun je gebruik maken van het hele saldo op het lijfrenteopbouwproduct waarop je alleen vóór 01-01-2014 hebt gestort. Minimale looptijd: 5 jaar. Het bedrag dat per jaar wordt uitgekeerd, mag dan niet hoger zijn dan € 21.741 (2019). Is het bedrag hoger dan € 21.741 (2019) per jaar? Dan is de minimale looptijd 20 jaar.
    Vóór het jaar dat je 65 jaar wordt. Hiervoor kun je gebruik maken van het hele saldo op het lijfrenteopbouwproduct waarop je alleen vóór 01-01-2014 hebt gestort. Minimale looptijd: 20 jaar + het aantal jaren dat je jonger bent dan de AOW-leeftijd.

    Zowel vóór 01-01-2014 als na 31-12-2013

    Keuzes voor het moment van starten met uitkeren Waar moet je rekening mee houden?
    In het jaar waarin je 65 wordt, of daarna, maar vóór het jaar waarin de AOW-leeftijd wordt bereikt. Hiervoor kun je alleen gebruiken: de waarde op 31-12-2013 op het lijfrenteopbouwproduct waarop je zowel vóór 01-01-2014 als na 31-12-2013 hebt gestort. Minimale looptijd: 5 jaar. Het bedrag dat per jaar wordt uitgekeerd, mag dan niet hoger zijn dan € 21.741 (2019). Is het bedrag hoger dan € 21.741 (2019) per jaar? Dan is de minimale looptijd 20 jaar.
    In het jaar waarin je de AOW-leeftijd bereikt of daarna. Maar uiterlijk in het 5e jaar nadat je de AOW-leeftijd hebt bereikt. Waarbij je gebruik maakt van het hele saldo op het lijfrenteopbouwproduct. Minimale looptijd: 5 jaar. Het bedrag dat per jaar wordt uitgekeerd, mag niet hoger zijn dan € 21.741 (2019). Is het bedrag hoger dan € 21.741 (2019) per jaar? Dan is de minimale looptijd 20 jaar.
    Vóór het jaar waarin je 65 jaar wordt. Waarbij je gebruikt maakt van het hele saldo op het lijfrenteopbouwproduct. Minimale looptijd: 20 jaar + het aantal jaren dat je jonger bent dan AOW-leeftijd.
    Vóór het jaar waarin je de AOW-leeftijd bereikt. Waarbij je gebruik maakt van het hele saldo op het lijfrenteopbouwproduct. Minimale looptijd: 20 jaar + het aantal jaren dat je jonger bent dan AOW-leeftijd.

    Belasting over je uitkering

    Over je bruto uitkeringen betaal je belasting. SNS houdt de wettelijke loonheffingen op de uitkeringen in en draagt deze af aan de Belastingdienst. De loonheffingen kun je verrekenen met de inkomstenbelasting. De wettelijke loonheffingen zijn loonbelasting, premies volksverzekeringen en de bijdrage Zorgverzekeringswet. De uitkering die je maandelijks op je betaalrekening krijgt, is netto.

    Je geld voor het einde van de looptijd opnemen

    Je mag het geld van je SNS Lijfrentenieren volgens de belastingregels voor het einde van de looptijd niet ineens opnemen. Doe je dat toch, dan moet je naast loonheffing over het opgenomen bedrag ook 20% revisierente aan de Belastingdienst betalen. Ook aan ons betaal je geld als je voor de einddatum je SNS Lijfrentenieren opzegt. Wil je tussentijds overstappen naar een lijfrente-uitkeringsproduct bij een andere aanbieder? Dan betaal je alleen kosten aan ons.

    Looptijd SNS Lijfrentenieren Kosten SNS
    1 t/m 10 jaar 1,25% van het bedrag dat je opneemt per niet-volgemaakt spaarjaar, met een maximum van 4,5%
    11 t/m 35 jaar 1,25% van het bedrag dat je opneemt per niet-volgemaakt spaarjaar, met een maximum van 9,5%

    Wat gebeurt er bij overlijden?

    Als je overlijdt tijdens de looptijd van SNS Lijfrentenieren, gaan de resterende uitkeringen van SNS Lijfrentenieren naar je partner en/of (wettelijke) erfgenamen. Over de uitkeringen betalen zij loonheffingen. De looptijd en de hoogte van de uitkeringen kunnen niet worden aangepast.

    Rente van SNS Lijfrentenieren

    Rente van SNS Lijfrentenieren

    Bekijk alle rentes van SNS Lijfrentenieren.
    SNS Lijfrentenieren aanvragen

    SNS Lijfrentenieren aanvragen

    Meer weten of SNS Lijfrentenieren aanvragen?